U hebt niets in uw winkelwagen.
|
0 items |
Account |
Klantenservice |
Contact |
Aminozuren. Onderdelen van eiwit. Komen ruim in de voeding voor, vooral vlees en eieren.
Worden ook gebruikt door de orthomoleculair therapeut voor specifieke doeleinden.
Antioxidant. Een stof die ongewenste oxidatie (verbranding) voorkomt door zichzelf op te offeren.
Ascorbaat. Vitamine C.
Ascorbinezuur. Vitamine C.
Crosslinking. Het samenklinken van twee ketens moleculen. Hierdoor worden ze minder flexibel.
Homeostase. De neiging van het lichaam om een biochemisch evenwicht te handhaven. Wordt geregeld door de hypothalamus (klier in de hersenen).
Mineralen. Calcium en magnesium bijvoorbeeld. Deze worden gemeten in honderden milligrammen of grammen.
Orthomoleculaire doseringen. Optimale hoeveelheden vitaminen, mineralen, sporenelementen en aminozuren. Worden toegediend om kwalen te voorkomen of te genezen.
Primaire literatuur. De wetenschappelijke literatuur die een eigen onderzoek beschrijft. De basis van wetenschappelijke inzichten en discussies.
Sporenelementen. Bijvoorbeeld Zink en Selenium. Deze worden gemeten in milligrammen of microgrammen. Zink in mg. Selenium in mcg.
Vitaminen. Noodzakelijke stoffen die essentieel zijn om te overleven. Optimale inname is vele malen hoger dan de inname om niet aan dodelijke ziekte te sterven.
Vrije radicaal. Een molecuul met een ongepaard elektron. Hierdoor vinden kettingreacties plaats waardoor de cel kan beschadigen. Het vormt de basis voor crosslinking.